Kennisbank

Keuringsplicht of GACS: de rekensom tot 2030

Twee verplichtingen die elkaar raken, maar zelden samen worden bekeken. Wie de keuringsronde als losse kostenpost boekt, mist de vergelijking die er werkelijk toe doet.

Een gebouw met een aantoonbaar werkend gebouwautomatiseringssysteem is vrijgesteld van de periodieke keuring van de betreffende installatie. Het zijn dus geen twee losse dossiers. Het gaat om terugkerende kosten zonder restwaarde tegenover een investering die er richting 2030 toch aankomt.

Twee sporen die langs elkaar heen lopen

De periodieke keuring van verwarmings- en koelinstallaties boven een bepaald vermogen loopt nu al. Die landt bij het onderhoudsbudget. Een factuur per ronde, afgehandeld door de onderhoudspartij, zelden op directieniveau besproken.

De GACS-verplichting landt ergens anders, meestal bij vastgoed of bij een duurzaamheidsprogramma, en wordt geassocieerd met 2030 en met de verlaging van de drempel van 290 kW naar meer dan 70 kW. Daardoor worden twee dossiers gescheiden behandeld die financieel één beslissing zijn.

De grenzen zelf zijn concreet. Voor verwarmingssystemen geldt de keuringsplicht vanaf een nominaal vermogen van meer dan 70 kW, waarbij de toegankelijke delen ten minste eens per vier jaar gekeurd moeten worden. Dat staat in artikel 6.42 lid 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).

Voor airconditioningsystemen en gecombineerde airconditioning- en ventilatiesystemen ligt de grens eveneens bij meer dan 70 kW nominaal vermogen, met een cyclus van ten minste eens per vijf jaar. Dat staat in artikel 6.37 lid 1 Bbl.

Wat er onder EPBD IV verandert

De keuringsplicht voor verwarmings- en airconditioningsystemen vervalt onder EPBD IV. RVO geeft als reden dat de huidige aanpak weinig oplevert. Er komt een alternatief dat beter aansluit op het normale beheer van gebouwen, gericht op monitoring en op verbeteringen waarmee daadwerkelijk energie te besparen is.

Een datum is er nog niet. De eerste tranche van de Nederlandse implementatie is ingegaan op 29 mei 2026 en ging over zonnepanelen, laadinfrastructuur, technische bouwsystemen en het energielabel. Wat daar precies in zat staat in GACS per 29 mei 2026. De keuringsplicht zit daar niet in. De tweede tranche is in het voorjaar van 2026 geconsulteerd en gaat daarna naar de Raad van State, dus die is nog niet vastgesteld. Tot die tijd geldt de huidige keuringsplicht onverkort.

De richting van de wetgeving loopt weg van periodiek keuren en naar continu monitoren. Dat is wat een GACS doet. Voor een gebouweigenaar betekent dat dat blijven keuren neerkomt op betalen voor een verplichting die op zijn eind loopt, terwijl regeltechniek aansluit op waar de regelgeving naartoe beweegt.

De vrijstelling is voorwaardelijk

Vrijstelling volgt niet automatisch uit de aanwezigheid van een regelkast met een merknaam erop. Het systeem moet aantoonbaar de functies vervullen die bij een GACS horen. Dat betekent continu monitoren, vastleggen, analyseren en bijsturen, met een dossier waaruit dat blijkt.

In de praktijk struikelen gebouwen daar vaker over dan op de techniek zelf. De installatie kan prima zijn, terwijl functiebeschrijvingen, meetpuntenlijst en beheerafspraken ontbreken. Hoe je dat dossier opbouwt staat in documentatie en aantoonbaarheid.

De grondslag staat in dezelfde artikelen als de keuringsplicht zelf. Dat is artikel 6.42 lid 6 Bbl voor verwarming en artikel 6.37 lid 6 Bbl voor airconditioning. Een systeem in een gebouw met een GACS dat aan de systeemeisen voldoet, is vrijgesteld van de keuring.

Eén punt is vaak onbekend. Die vrijstelling geldt ook als het vermogen onder de 290 kW blijft. Een gebouw hoeft dus niet onder de GACS-verplichting te vallen om er profijt van te hebben. Dat maakt vrijwillig investeren eerder aantrekkelijk dan het op het eerste gezicht lijkt.

De vrijstelling geldt bovendien per systeem. Verwarming en koeling worden apart getoetst en hebben ook apart hun eigen regime. Een GACS op de verwarmingszijde zegt niets over de koelinstallatie.

De som die je wilt maken

De vergelijking bestaat uit vier grootheden. Drie ervan zijn per gebouw eenvoudig te achterhalen, de vierde vraagt om een offerte.

  1. 1. Aantal keuringsrondes tot en met 2030. Reken terug vanaf de laatste keuring en de geldende cyclus. De datum van de laatste ronde staat in het logboek van de installatie of in het onderhoudscontract.
  2. 2. Kosten per keuringsronde. Die staan op de facturen van de keuringspartij. Controleer of de keuring apart is gefactureerd of is verwerkt in een onderhoudsabonnement.
  3. 3. Totale keuringskosten tot 2030. Het aantal rondes maal het bedrag per ronde, per systeem. Verwarming en koeling hebben elk hun eigen regime, dus reken ze apart door.
  4. 4. Investering in regeltechniek. Vraag hiervoor een offerte bij de installateur, op basis van de bestaande situatie. Vraag daarbij expliciet om het verschil met een vervanging zonder GACS-waardige uitvoering.

De structuur van de afweging staat vast. Keuringskosten stapelen en verdwijnen daarna grotendeels, terwijl regeltechniek vanaf het moment van aanleg ook rendement oplevert via sturing op comfort en verbruik.

Wanneer de som anders uitpakt

Vervroegd investeren is geen algemeen advies. Er zijn drie situaties waarin uitstellen verstandiger is. Als de installatie nog ver van het einde van zijn levensduur is en straks alsnog vervangen wordt, betaal je twee keer. Als het gebouw binnen enkele jaren wordt afgestoten of ingrijpend verbouwd, is een investering in de huidige configuratie weggegooid. En als het nominaal vermogen ook na 2030 onder de grens blijft, verandert er niets en blijft alleen het keuringsregime over.

Omgekeerd is het moment juist gunstig als de regelinstallatie tegen vervanging aan loopt. Dan betaal je de vervanging toch al en zijn de meerkosten voor een GACS-waardige uitvoering beperkt tot het verschil, niet tot het hele bedrag.

Wie deze afweging maakt

Het lastige aan deze som is dat de partij die hem meestal maakt, ook de partij is die de investering levert. Dat hoeft geen slechte uitkomst te geven, maar het is geen onafhankelijke uitkomst. Bij ons zijn beoordeling en realisatie gescheiden. Wij voeren geen installatiewerk uit en ontvangen geen commissie van leveranciers.

Voor schoolbesturen werkten we deze afweging verder uit richting een gebouwenportefeuille op GACS voor scholen. Wilt u eerst weten of uw gebouw überhaupt onder de verplichting valt, begin dan bij de GACS-verplichting of doe de quickscan.

Veelgestelde vragen

Vervalt de keuringsplicht met een GACS?

Een gebouw met een aantoonbaar werkend gebouwautomatiseringssysteem is vrijgesteld van de periodieke keuring van de betreffende installatie. De vrijstelling geldt per systeem, dus een GACS op de verwarming ontslaat je niet van een keuring aan de koelzijde.

Waarom zou ik eerder investeren dan 2030?

Omdat de keuringskosten in de tussenliggende jaren doorlopen en geen restwaarde hebben, terwijl regeltechniek vanaf dag één stuurt op comfort en verbruik. Of eerder investeren voordelig is, hangt af van het aantal resterende keuringsrondes en van de staat van de bestaande regelinstallatie.

Over de auteur

Dennis Derksen

Oprichter Het GACS Loket

15+ jaar ervaring in BMS, HVAC, EMS en gebouwautomatisering.

Bekijk LinkedIn-profiel